Isack Hadjar heeft tijdens de F1 Grand Prix van de Verenigde Staten een veelbelovende race in rook zien opgaan. De coureur van Red Bull Racing maakte in Austin namelijk een dure fout met de instellingen op zijn stuur. De Frans-Algerijnse coureur haalde hard uit naar de huidige FIA-reglementen, maar was zelf vergeten zijn pitstop-mapping uit te zetten. Doordat de reactie van het gaspedaal tijdens de hele tweede stint werd beperkt, verloor hij naar eigen zeggen een seconde per ronde.
De RB22 kreeg op het Circuit of the Americas wederom te maken met de aanhoudende problemen bij de start en met de koppeling waar de renstal dit hele seizoen al mee worstelt. Omdat de koppeling onder bedrijfstemperaturen erg kwetsbaar is, kwam Hadjar vanaf P3 slecht van zijn plek toen de lichten uitgingen en verloor hij in de openingsronde meteen motorvermogen. Toen de Red Bull-coureur op de zachte band eenmaal in de schone lucht reed, wist hij zich echter te herpakken met een sterk tempo in het eerste deel van de wedstrijd. Waar hij eerder deze herfst nog radeloos was na een vijfde plek in Maleisië, kon de de ploegmaat van Max Verstappen in Texas rondenlang het tempo bijbenen van de Mercedes aan de leiding.
Sterke openingsstint op het tempo van Antonelli
Kimi Antonelli bepaalde vanaf pole position de pace vooraan het veld, maar Hadjar zat op de zachte compound tijdens de eerste stint qua rondetijden dicht bij de Italiaan. De twee reden op het Amerikaanse asfalt zelfs een aantal ronden precies dezelfde tijden. Terwijl Verstappen voor een tweestopper ging, werden Antonelli en Hadjar door respectievelijk Mercedes en Red Bull in die fase van de wedstrijd op een éénstopper gezet. Mercedes-teambaas Toto Wolff liet weten dat uit de vooraf gemaakte simulaties van zijn team bleek dat één pitstop in Austin zo'n acht seconden sneller was dan een tweestopper. Dat strategische voordeel legde voor Antonelli uiteindelijk de basis voor zijn zege.
Door zijn snelheid in de beginfase was Hadjar er dan ook van overtuigd dat er met diezelfde strategie een topresultaat in zat. "In schone lucht, tijdens de eerste stint, zat ik op Kimi's tempo en dacht ik dat het een race met één pitstop was", zo blikte hij tegenover de aanwezige media in Texas terug op het begin van de race. Als hij later geen problemen had gekregen bij zijn pitstop, had Hadjar zich kunnen mengen in de strijd om P4 of P5 of zelfs het podium. Nu kwam hij uiteindelijk op meer dan 34 seconden achterstand van de winnaar over de streep op P6.
'Strat 12' bleef na de pitstop actief
Het ging tijdens het bezoekje aan de pits echter helemaal mis, toen Hadjar zijn zachte banden inwisselde voor een setje van de harde compound. Zodra een coureur van Red Bull Racing de pitstraat induikt voor een bandenwissel, moet er op het stuur een speciale pitstop-mapping worden aangezet die binnen het team 'Strat 12' wordt genoemd. Volgens de procedure moet de coureur deze stand weer uitzetten en teruggaan naar de normale racemapping vóór hij de uitgang van de pitstraat voorbijrijdt. Als dat niet op tijd gebeurt, zit de instelling technisch op slot en kan dit eenmaal terug op de baan tijdens de rest van de stint niet meer worden veranderd.
Toen Hadjar na zijn stop weer wegreed, bleef zijn RB22 in die 'Strat 12'-modus staan. Terwijl hij door de pitstraat reed, had hij het op de boardradio met de pitmuur over het besluit om naar de harde band te wisselen. Tevens speelden de aanhoudende problemen met de communicatie over de teamradio een rol, want door het slechte bereik in de pitstraat kon de coureur zijn engineers nauwelijks verstaan. Vanwege die afleiding vergat de Red Bull-coureur de knop op zijn stuur terug te zetten voordat hij over de witte lijn bij de pituitgang reed. Het gevolg was dat hij de hele tweede helft van de Grand Prix vastzat aan de verkeerde motorstand. Volgens de FIA-reglementen mag de throttle-mapping alleen aangepast worden in de pitstraat en niet op de baan.

Impact op tractie, bandenslijtage en elektrisch vermogen
Wat voor technische gevolgen het rijden in die pitstop-mapping had, werd meteen duidelijk bij het uitkomen van de bochten in Austin. 'Strat 12' is namelijk gemaakt om de reactie van de motor flink te knijpen wanneer het gaspedaal maar een klein beetje wordt ingedrukt. Normaal gesproken verwacht een Formule 1-coureur tijdens het racen bij het eerste tikje op het pedaal meteen een geleidelijke opbouw van het koppel, maar in deze modus gaf de power unit pas vanaf zo'n veertig procent pedaalstand daadwerkelijk vermogen vrij. Die zogeheten deadzone in het gaspedaal voelde voor Hadjar aan als een flinke turbo-lag, waarbij de krachtbron in het eerste deel van de beweging op het pedaal amper thuisgaf.
Die vertraagde reactie op het gas had meteen invloed op de bestuurbaarheid, de tractie, de bandenslijtage en het verbruik van de batterij van de RB22. Om tijdens zijn tweede stint überhaupt snelheid mee te kunnen nemen uit de langzame en mediumsnelle bochten, moest Hadjar veel agressiever op het gas trappen om maar voorbij die grens van veertig procent te raken. Als het vermogen na dat dode punt dan in één keer vrijkomt, breekt de achterkant van de bolide bij het uitaccelereren sneller uit. Dat zorgt weer voor een zwaardere belasting van de achterbanden en een snellere slijtage. Tegelijkertijd gooit het onregelmatige intrappen van het pedaal ook de afgifte van het elektrische vermogen en het batterijgebruik tijdens een rondje in de war.
Desondanks lukte het hem om Oscar Piastri en George Russell achter zich te houden voor de zesde positie, maar blij was Hadjar absoluut niet. "Jullie hebben geen idee wat voor monster van een auto ik moest besturen...", zei hij na afloop tegenover Viaplay. "Ik zat vast met een gaspedaalafstelling voor de pitstraat. Het was onbestuurbaar. Het is weer zo'n FIA-regel..."

