Christian Horner heeft onthuld dat het noemen van de naam van het Mercedes-team tijdens interne vergaderingen bij Red Bull Powertrains volledig in de ban is gedaan. In gesprek met Autosport laat de Brit weten dat nieuw aangetrokken werknemers het zo vaak over hun oude werkgever hadden, dat de rivaal intern alleen nog maar als 'team B' mocht worden aangeduid.
Toen Honda besloot de Formule 1 de rug toe te keren, zette Red Bull Racing met het oog op de motorreglementen van dit seizoen een eigen motorafdeling op in Milton Keynes. Voor dit gloednieuwe start-upproject wist het team zo'n tweehonderd medewerkers los te weken bij Mercedes High Performance Powertrains in Brixworth. Vervolgens richtte de renstal eigen faciliteiten in om onder andere zelf zuigers te produceren en cilinders uit massieve blokken te kunnen bewerken.
Verboden woord
Die enorme toestroom van personeel vanuit Brixworth leverde in de beginfase een opvallende gewoonte op de werkvloer op, zo weet Horner zich nog met een glimlach te herinneren. "Er werd te veel gepraat over 'bij Mercedes deden we dit, bij Mercedes deden we dat, bij Mercedes…' Uiteindelijk werd het verbannen uit de vergaderingen. We gaan Mercedes niet noemen. Het werd 'team B'", zo verklaart de voormalig teambaas, die in september van vorig jaar officieel afscheid nam bij de renstal waar Laurent Mekies het stokje overnam. Hoewel binnen een jaar na de aftrap van het project al de eerste prototype-motor op de testbank draaide, zorgde het avontuur destijds nog altijd voor de nodige spanningen bij het moederbedrijf. "Binnen een jaar hadden we onze eerste prototype-motor draaiend, maar ik denk dat er binnen de groep, binnen Oostenrijk, nog steeds wat zenuwen waren over de vraag of we een concurrerende motor konden maken."
Eerste overwinning
De gezamenlijk ontwikkelde krachtbron van Red Bull en Ford wist eerder deze maand tijdens zijn zestiende Grand Prix voor het eerst te zegevieren met Max Verstappen op het circuit van Sepang, waarna de Nederlander in Singapore direct een tweede overwinning op rij wist te boeken. Voor Horner, die gisteren nog zijn autobiografie Drive aankondigde waarin hij ook zijn verslechterde verstandhouding met voormalig adviseur Helmut Marko uit de doeken doet, was het uit de grond stampen van de motorafdeling de zwaarste kluif uit zijn carrière. "Het was waarschijnlijk de grootste uitdaging die ik in mijn tijd bij Red Bull heb gehad, omdat het van niets kwam. Er was niets. Het was een volledige start-up", zo blikt hij terug. "En het was angstaanjagend, want we hadden geen ervaring met het bouwen van motoren. Maar het juiste talent erbij halen en steunen, mensen de kans geven, en de voldoening om die motor in zijn zestiende race, in zijn eerste jaar, te zien winnen. Daar ben ik erg trots op, en ik ben enorm trots op de mensen en wat zij hebben gedaan en bereikt. Ik denk dat het in veel opzichten makkelijk is om de uitdagingen te onderschatten van het bouwen van een motor vanaf nul, zeker binnen de meest complexe motorreglementen in de geschiedenis van de sport, en om teams en fabrikanten te verslaan die veel meer ervaring hebben."

