Helmut Marko is na de sprintkwalificatie voor de Grand Prix van Brazilië niet te spreken over de vorm van de RB21. Max Verstappen eindigde op de zesde plek en volgens de Red Bull-adviseur heeft dat te maken met een gebrek aan grip en neerwaartse druk. Hij denkt dat er voor de sprintrace in ieder geval weinig verbeterd kan worden.
Verstappen zelf was ook niet te spreken over de kwalificatie, waar hij met een auto die vooral een gebrek aan grip en downforce vertoonde, strandde op een teleurstellende zesde plek. Dat zegt op zijn beurt veel over de fundamentele tekortkomingen in aerodynamica en chassis van de auto. De Nederlander kon in ieder geval weinig uitrichten met de huidige set-up en de manier waarop de wagen op de weg lag. Ook Yuki Tsunoda kwam niet verder dan SQ1.
Sprintrace wordt probleem
Marko ziet de grote verschillen in de eerste en derde sector ten opzichte van Lando Norris. "De verschillen in de eerste en derde sector waren enkele honderdsten van een seconde, maar de grip in de middensector was een groot probleem. Dat is iets wat we niet meer kunnen verhelpen voor de sprintrace", zo foetert Marko tegenover Sky Deutschland. Daarmee hoeven de Verstappen-fans zich voorlopig geen illusies te maken richting de zaterdag.
Beperkte tijd
De zorgen voor de Red Bull-adviseur zijn ook dat er niet veel tijd is om de problemen op te lossen, want de sprintrace en hoofdrace volgen elkaar snel op. Het is vooral aan het team om zaterdag de juiste tweaks aan de auto voor elkaar te krijgen op basis van de data, zodat men een competitievere auto op het asfalt kan krijgen tijdens de hoofdrace op zondag. "We hopen dat we de data kunnen gebruiken om aanpassingen te maken voor de hoofdrace op zondag", zo besluit de Oostenrijker.

